Elektrische infrarood verwarming, zoals infrarood panelen, wordt steeds vaker gekozen als oplossing voor uiteenlopende verwarmingsbehoeften. Bij het installeren van elektrische infrarood verwarming is het echter cruciaal om rekening te houden met de geldende wet- en regelgeving. In deze blog bespreken we de belangrijkste wetten, normen en richtlijnen die van toepassing zijn op elektrische infrarood verwarming, zodat u goed voorbereid aan de slag kunt.
Net zoals bij andere verwarmingssystemen, is er een uitgebreid wettelijk kader dat bestaat uit wetgeving, normen en richtlijnen die specifiek zijn ontwikkeld om het gebruik van het verwarmingssysteem veilig en efficiënt te laten verlopen. Deze regelgeving omvat onder andere voorschriften voor installatie, onderhoud, energie-efficiëntie en veiligheidsvereisten. Het doel van deze richtlijnen is om te waarborgen dat verwarmingssystemen voldoen aan de geldende milieu- en veiligheidsnormen, en om gebruikers te beschermen tegen mogelijke risico’s zoals brandgevaar.
De wettelijke eisen rondom elektrische infrarood verwarming
De BENG (Bijna Energie Neutrale Gebouwen) regelgeving in Nederland is bedoeld om de energie-efficiëntie van gebouwen te verhogen en de milieubelasting te verminderen. Deze regelgeving maakt deel uit van het bredere beleid van de Nederlandse overheid om de energiedoelen van het Klimaatakkoord te realiseren. De BENG regelgeving is opgedeeld in drie verschillende eisen, namelijk:
BENG-1: Energiebehoefte
De maximale energiebehoefte wordt gemeten in kWh per vierkante meter gebruiksoppervlak per jaar. Bij het vaststellen van deze behoefte worden de energieverbruiken voor zowel verwarming als koeling opgeteld. De beoordeling richt zich op de kwaliteit van de gebouwschil, waarbij factoren zoals de verhouding van glas tot massieve gevels, de isolatiewaarde, de luchtdichtheid en eventuele koudebruggen worden meegewogen. Het gaat niet alleen om de isolatie zelf, maar ook om hoe deze factoren samen met de geometrie en de locatie van het gebouw bijdragen aan het verminderen van de energiebehoefte. BENG 1 houdt rekening met al deze elementen en berekent de energiebehoefte op basis van een vastgesteld ‘neutraal’ ventilatiesysteem.
- BENG-2: Primaire energieverbruik
Het jaarlijks maximale verbruik van primaire fossiele energie wordt gemeten in kWh per vierkante meter gebruiksoppervlak. Dit verbruik omvat de som van de primaire energie die nodig is voor verwarming, koeling, warmwaterproductie en ventilatoren. Bij utiliteitsgebouwen wordt daarnaast ook het primaire energieverbruik voor verlichting en eventueel bevochtiging meegeteld. Voor zowel woningen als utiliteitsgebouwen geldt dat de energie die wordt opgewekt door bijvoorbeeld zonnepanelen of andere hernieuwbare energiebronnen, wordt afgetrokken van het totale primaire energieverbruik.
- BENG-3: Hernieuwbare energie
Het percentage hernieuwbare energie wordt vastgesteld door de hoeveelheid hernieuwbare energie te vergelijken met het totale verbruik, dat bestaat uit zowel hernieuwbare bronnen als fossiele brandstoffen. Hernieuwbare energiebronnen omvatten zonne-energie, biomassa, warmte uit de buitenlucht en energie uit de bodem. Het gebruik van deze duurzame bronnen helpt om het aandeel hernieuwbare energie binnen het totale energieverbruik te verhogen.

Wat is een externe vloersensor?
EcoDesign – EPBD III
In 2020 is er een belangrijke wijziging doorgevoerd in het Bouwbesluit, waarbij de Europese richtlijn Energy Performance of Buildings Directive (EPBD III) werd geïntegreerd in de Nederlandse wet- en regelgeving. Deze richtlijn stelt specifieke eisen aan de energetische prestaties van technische bouwsystemen, waaronder systemen voor ruimteverwarming. Het doel van deze regelgeving is om de energie-efficiëntie van gebouwen te verbeteren en bij te dragen aan duurzaamheid door het gebruik van energiezuinige installaties te bevorderen.
Een van de eisen van de EPBD III is dat het rendement van een systeem voor ruimteverwarming een waarde van 1,31 niet mag overschrijden. Maar wat betekent dit in de praktijk?
Het houdt in dat een verwarmingssysteem niet meer dan 1,31 kWh aan primaire energie mag verbruiken om 1 kWh aan thermische energie te genereren. Bij elektrische infrarood panelen is de verhouding eenvoudig: 1 kWh aan elektrische energie levert precies 1 kWh aan thermische warmte. Echter, volgens het Bouwbesluit is er voor het opwekken van 1 kWh elektriciteit 1,45 kWh primaire energie nodig. Dit staat bekend als de primaire energiefactor (PEF).
Als gevolg hiervan hebben elektrische infrarood panelen een energieprestatie van 1,45, wat betekent dat ze meer primaire energie verbruiken dan de toegestane grens van 1,31 volgens de EPBD III. Dit heeft tot gevolg dat elektrische centrale verwarmingssystemen niet voldoen aan deze wet- en regelgeving.
- Uitzondering EPBD III:
Sinds enkele jaren vallen elektrische verwarmingssystemen met lokale temperatuurregeling per ruimte onder de Ecodesign wet- en regelgeving. Deze regelgeving is van toepassing op systemen die niet gecombineerd zijn met een elektrische opwekker, distributiesysteem of afgiftesysteem. Een goed voorbeeld van een systeem dat onder deze uitzondering valt, zijn infrarood panelen met geïntegreerde temperatuurregeling.
Deze systemen maken het mogelijk om de temperatuur per ruimte nauwkeurig te regelen, wat resulteert in een efficiëntere energieverdeling en verminderd energieverbruik. Dankzij de Ecodesign-richtlijnen worden dergelijke innovatieve en duurzame verwarmingsoplossingen gestimuleerd, waardoor ze bijdragen aan het verlagen van de milieu-impact en het verhogen van het gebruikscomfort.
Dit biedt kansen voor de elektrische verwarmingsmarkt. Door een watergedragen vloerverwarmingssysteem met warmtepomp op de begane grond te combineren met elektrische verwarming op de eerste en tweede verdieping, kan zowel het comfort als de kosten worden verbeterd.
Een elektrisch verwarmingssysteem kan snel en nauwkeurig worden geregeld, terwijl een warmtepomp optimaal functioneert bij constante werking, wat leidt tot een hoger rendement. Wanneer een warmtepomp alleen voor korte periodes wordt ingeschakeld, bijvoorbeeld om de badkamer tijdelijk te verwarmen, valt het rendement aanzienlijk terug en kan de levensduur van de warmtepomp worden verkort.
Daarom is het een slimme keuze om op de begane grond de warmtepomp te gebruiken en op de hogere verdiepingen elektrische verwarming te installeren. Dit alles uiteraard in overeenstemming met de BENG-regelgeving.
Normen
Sommige normen zijn wettelijk vastgelegd en daarom verplicht om na te leven. Deze normen zijn specifiek aangewezen in de wet- en regelgeving en moeten worden gevolgd om aan de wettelijke eisen te voldoen. Daarnaast zijn er ook normen die publiekrechtelijk van aard zijn en daardoor optioneel, maar die desondanks een belangrijke rol spelen. Deze vrijwillige richtlijnen bevorderen goed vakmanschap en zorgen voor een verantwoorde en professionele toepassing van technieken en materialen.
Hoewel deze optionele normen niet verplicht zijn, wordt sterk aanbevolen om ze te volgen. Door deze richtlijnen in acht te nemen, wordt niet alleen de kwaliteit van het werk verbeterd, maar wordt ook de veiligheid gewaarborgd en voldoe je aan de best practices binnen de sector.
Wettelijk aangewezen normen: | |
NEN1010:2015 + A1:2020 (14): | De norm voor elektrische installaties voor laagspanning. |
NEN3140:2011 + A3:2019 (5): | Bedrijfsvoering van elektrische installaties. |
NTA8800:2020 + A1:2020 (18): | Energieprestatie van gebouwen. |
Privaatrechtelijke normen: | |
NEN-EN-ISO 7730:2005 (17): | Klimaatomstandigheden |
NEN-EN-IEC 60675-3:2021 (16): | Direct werkende elektrische verwarmingselementen voor ruimte verwarming. |
Contact
Bent u geïnteresseerd in elektrische infrarood verwarming en wilt u weten hoe u deze correct kunt toepassen volgens de geldende regelgeving? Neem dan contact met onze specialisten en wij hulpen u graag verder!


